Het is weer juni, dus zien we volgens traditie weer een gezellige sliert kindertjes in de leeftijd van 6-9 jaar door de lange avonden van licht hun Avondvierdaagse lopen. Vijf kilometer, vier dagen achter elkaar. Eigenlijk een bijzonder evenement, want op geen enkele andere manier wordt het heerlijke wandelen als sport en als manier om te genieten van het leven bij kinderen gepropageerd.
Maar wandelen? Dat heeft eigenlijk geen status. Verplaatsen doe je tegenwoordig liefst gemotoriseerd, een Vespaatje bijvoorbeeld, of een fiets met motor, en natuurlijk de onvermijdelijke achterbank.
Ik vind het dan ook een wonder, en een mooi wonder bovendien, dat jaar in jaar uit altijd opnieuw de schoolklassen zingend en lachend door de straten kronkelen, vaak uitgedost in eigen schoolkleuren. Je hoort geen gezeur of gemopper en iedereen heeft bewondering voor de prestatie van de kinderen, en moedigt ze aan.
De wereld gaat nu eens rustig aan ze voorbij, ze komen als vanzelf in een ritme dat bij hun jonge lijfjes past. Ze hebben de tijd om alles in zich op te nemen en vrolijk tot zichzelf te komen. Als er een paar kinderen bij zijn die mede hierdoor ervaren hoe heerlijk het is om op eigen benen te bewegen, die voelen hoe menselijk de maat is van het wandelen, dan is deze traditie er één om in hoge ere te houden!
1 comment:
Ach ja, ik deed in die tijd wel met vriendjes de "Trouwmars", dat was een wandeling van pakweg 15 kilometer waar je dan een medaille voor kreeg (of is het médaille?). En in die tijd ging het natuurlijk om die medaille. Deed je een tweede of derde keer mee dan kreeg je een gekleurd stukje metaal met dat nummertje erop. Er waren nog wel meer marsen; ik meen met 5 mei, de bevrijdingsmars. Maar je kreeg altijd een medaille. Dat is er toch niet meer bij tegenwoordig. Maar de kinderen doen het met veel plezier. En vroeger waren er ook geen ouders bij. De gedachte dat m'n vader of moeder erbij zou zijn. Dat kwam niet eens bij je op.
Post a Comment