De hele dag had het gewaaid en een beetje geregend, donkere wolken hadden boven de bergen gehangen zonder uit te groeien tot noodweer. Dat was voorbij. Nu was het avond geworden, een heerlijke, zoele zomeravond aan de boulevard - maar dan in de winter, want we zaten op Tenerife.
In de vroege duisternis was het goed toeven achter een glaasje wijn. Dat is een heerlijk ritueel van geliefden, niets doen, uitgewandeld zijn, alleen nog kijken naar de voorbijgangers en luisteren naar de oceaan.
Op dit beschutte stukje, net uit het drukste loopgedeelte, was een redelijk smaakvol centrum in een halve cirkel gebouwd naast een marina, een haventje dat zelf de structuur van een boot had. Lichten van reclames in alle kleuren schenen achter ons, een heel zacht muziekje klonk, beetje jazz, en de palmbomen aan de rand van het halfronde strandje wuifden met de laatste windvlagen.
Enkele doorzetters probeerden aan de rustende toeristen wat waren te slijten. Aziatische types probeerden het met afgrijselijke knipperlichten met Kerstdecoraties, malle schietvliegtuigjes en pluche ratjes met lichtende ogen. Enkele negers liepen voorbij met horloges. De klok sloeg acht uur.
Daar kwam een neger aan met een sporttas vol houten beeldjes en prullaria. Midden op de boulevard, naast de strandlantaarn, legde hij zijn kleed uit en plaatste zorgvuldig één voor één zijn olifantjes en zebra's, maskers en vrouwenbeelden op het kleed. Hij verschikte ze, liep om het kleed heen, veranderde nog eens wat, zette een paar langwerpige beelden rechtop, tot het naar zijn zin was. Op dat moment greep hij in zijn sporttas, nam een flesje water. Hij schudde wat water in zijn hand, zei een paar Afrikaanse woorden en met een snelle zwaai sprenkelde hij het water over zijn handeltje. Een zegening, een ritueel. Veel succes, nijvere verkoper.
No comments:
Post a Comment