Dus op de boot kocht ik knuffels voor de jongens. Ze kregen allebei een pinguïn, zo'n hele grote die er met een klein jongetje zomaar vandoor kan gaan. En dat deden ze, vooral met mijn oudste zoon. Hoewel beide knullen dol werden op hun eigen knuffel, werd de hele grote van mijn oudste de favoriet in veel spelletjes. Ze noemden hem soms wel Pol naar het verhaal van de striptekeningen, maar verreweg het meest was het toch
Zilverbuik
Deze lieve pinguïn speelde een hoofdrol in hun heldenverhalen. Hele zeeslagen heeft hij gewonnen, ruimteraketten aangedreven, kokosnoot na kokosnoot gooide hij op kwaadwillige apen in de jungle zonder te verblikken of te verblozen. Ze voelden zich veilig bij deze dappere dierenheld. Als hij meespeelde, was het altijd feest. Al gauw had hij een klein legertje van andere pinguïns om zich heen, zo herinner ik me nog Toetsnijak. Dat was een pinguïn die ons in Praag was komen versterken. Op het station vroegen we hoe een pinguïn in het Tsjechisch heet en jawel hoor, dat is Toetsnijak. En zo is het gebleven. Allemaal waren ze wat kleiner dan de koningspinguïn Zilverbuik, die ook zonder kroon allen bleef inspireren.
Tycho, mijn jongste, was in die tijd heel erg creatief aan de gang. Hij tekende erg mooie dingen en gewoon uit de losse pols. Uiteraard is ook Zilverbuik op papier gekomen. Direct was ik door deze interpretatie gefascineerd. Zilverbuik zit in de iets achterovergebogen houding die ze hem altijd lieten aannemen, met zijn grijsgekoosde buik en zijn krommige snavel precies zoals hij in het echt is. En het is Feest, er knalt kleurig vuurwerk daar op zijn witte Zuidpool. Kijk maar, is dat goed getroffen of wel!
Achtjarige Tycho's Zilverbuik
1 comment:
Wat een lief Bloggie Roos.
Post a Comment