
De een-na-laatste dag kwamen we aan in Patara. Het hotel daar was weer wat moderner, dus deze keer heb ik zowaar een douche genomen. Het was een levendig maar piepklein dorp dat grote schatten in zich borg. Elsbeth nam ons mee naar de overblijfselen van een aquaduct dat de vergelijking met dat van Segovia heel best kon doorstaan. Dit aquaduct was niet halfopen geweest, maar gesloten en het had allerlei ingenieuze constructies in de stenen bouwdelen waardoor het mogelijk bleef om te inspecteren en te repareren. Het was imposant.
's Middags gingen we lunchen bij dezelfde man waar we gisteren baklava hadden gegeten. Verder was er niemand open namelijk. Fred, Henk, Ab en Dick en Ad schoven aan en zo werd het weer gezellig. Het eten was er trouwens heerlijk.
's Avonds namen we nog een kopje thee bij een soort leefgarage, waar het mooiste meisje dat ik in jaren gezien heb bezig was met het maken van 'pannenkoeken'. Eigenlijk een uitgerold deeg zonder vet, dat op een metalen plaat werd gebakken. We namen ons voor om het morgen ook te proberen.
No comments:
Post a Comment