We moesten 's ochtends wel even bijkomen. Het slaaphok was adequaat, maar meer ook niet. Er stond geen tafel of stoel, geen kast. Bij Ab en Dick zat er een groot ontluchtingsgat in, mogelijk voor een buis bedoeld, maar nu vooral ingang voor insecten. Dat gat stopten ze dus maar dicht met een handdoek.
Van Gey liepen we naar Alinca. Die weg ben ik een beetje kwijt. Ik herinner me een dorp geheten Sidyma, waar net een schaap werd geslacht. Vakbekwaam stroopte de heer des huizes het vel van het karkas dat ondersteboven aan een boom hing, zo eraf.
Er stond een moskee met als herinnering aan de oude cultuur, twee stenen met Griekse inscripties in de muur, de ene op zijn kop en de andere op zijn zij. Daarop werden de belangrijkste, oude Griekse goden genoemd en geëerd. De Turken hadden het verkeerd om in het gebouw gemetseld - misschien konden ze geen Grieks lezen. De resten van de oude cultuur torenden nog boven het dorp uit: op de top van de berg kon je een ruïne zien.
Er stond daar een busje klaar dat ons naar Patara bracht voor de laatste twee overnachtingen.
No comments:
Post a Comment