Saturday, August 14, 2010

Bruggenhoofd

Het is al lang geleden gepubliceerd, maar pas vandaag kwam het me onder ogen: Komrijs parodie op het gedicht 'De moeder de vrouw' van Martinus Nijhoff.
Wie kent de beginregel niet: .... ik ging naar Bommel om de brug te zien...

En dan Komrij, op zijn satirische best.


Er was veel rommel op de brug te zien.
Ik zag onder de brug. Naar alle zijden
leek zich de vuilste troep daar te verspreiden.
De lucht was zurig. Een minuut of tien
dat ik daar stond, in 't gas, mijn kleren stonken,
mijn neus toonde verwantschap met wit krijt -
laat mij daar midden in de smerigheid
een knal vernemen dat mijn oren klonken.

Asjemenou. Het tankschip dat daar voer
spleet langzaam open, alsof het moest baren.
Het baarde een olievlek, met veel rumoer
en wat ik rook wist ik dat walmen waren.
O. dacht ik, o, hier helpt geen mallemoer.
Ons lot ligt in de hand der klapsigaren.


In de kerk, waar ik dit net gescoord werkje stiekem doorkeek, barstte ik in een schaterlach uit, die gelukkig werd gesmoord door de hoge bes van de sopraan die daar haar lied zong.

Wie kan er nog zo scherp schrijven? Komrij niet meer, helaas, maar hij blijft door zijn gedrukte woorden voor altijd in die categorie staan. Kwam er maar iemand die dit stokje kan overnemen, vandaag de dag.

No comments: